Een handjevol Eurosonic 2014
Verdere Groningse observaties
On Stage 21-01-2014 17:01
Vier dagen en nachten kijken en luisteren naar livemuziek uit heel Europa en véél uit Nederland, dat was Eurosonic Noorderslag 2014. Slagwerkkrant zag een keur aan nieuwe namen optreden. Hieronder enkele indrukken van acts van over de landsgrenzen.

Van de woensdagavond met de uitreiking van de EBBA Awards, waar Nederland werd vertegenwoordigd door Jacco Gardner (met drummer Jos van Tol), tot de kleine uurtjes van zondagochtend en uitsmijter Knarsetand (met drummer Tom van Sadelhoff), stroomde er een fijne, bonte vloed aan acts over de 47 Groningse podia. 337 stuks maar liefst, uit 29 landen! Daarmee beleeft iedereen zijn eigen festival, en is een compleet verslag door een team van twee man bij voorbaat onmogelijk.

We bezochten verschillende Vlaamse bands en vonden dat ze heel mooi speelden. Geppetto & The Whales (met drummer Carlo van Nispen), bijvoorbeeld, en Flying Horseman (met drummer Alfredo Bravo); tweemaal indierock met veel dynamiek en ruimte voor improvisatie. In de Magic Mirror/Moulin Rouge-tent op de Vismarkt zagen we een staartje van het Belgische Bed Rugs (drums: Noah Melis) een heerlijke psychedelische noisepopband die al een tijdje meedraait maar nauwelijks bekend is in Nederland.

Tiger Bell is een hype, hoorde ik iemand zeggen die de zaal verliet. Zou kunnen, maar tegelijkertijd weten deze vier dames uit Zweden heel goed hoe ze rammelende twee-minuten-bubblegumpunkliedjes moeten spelen. Bassiste Canan Rosen gaat volledig uit haar dak, drummer Lotta Wennström verbergt haar rode konen achter steil hangend haar en het gitaarduo Lovisa Thurfjell en Lisa Löfgren weet in alle coolheid dat alle ogen op ze gevestigd zijn. Prima halfuur-festivalact.

Twee andere bands maakten de Eurosonic-vrijdagavond in de Vera een must voor hardrockliefhebbers. The Vintage Caravan komt uit de buurt van Reykjavik, en gitarist Óskar Logi Ágústsson, bassist Alexander Örn Númason en drummer Guðjón Reynisson komen zo uit de tijdmachine; hun uiterlijk en hun muziek zijn regelrecht geënt op de hardrock van de jaren zestig, begin jaren zeventig. Wel goed gedaan, en enthousiast gespeeld. Het Zweedse Truckfighters (grote foto hierboven) pakte de zaal in met Kyuss-achtige stonerrock, waarin drummer Andre ‘Poncho’ Kvarnström gewoon heel goed doet wat hij moet doen: slepend en trekkend doorgrooven. Ondertussen bleven alle ogen gevestigd op de fratsen van gitarist Niklas ‘Dango’ Källgren.

Gastland Oostenrijk deed zijn best om te bewijzen dat er van alles gebeurt op muzikaal gebied. Van de achttien acts zagen we er een handvol, die echter weinig indruk maakten. T-Shit (bestaand uit leden van in Oostenrijk bekende indiebands) deed aan improvisatie en ondanks dat drummer Sixtus Preiss de zaak goed bij elkaar hield wist het trio slechts bij vlagen te boeien. 

Gudrun Von Laxenburg zorgde wél voor een spetterende afsluiter van de tweede Eurosonic-nacht, een optreden waardoor we met een glimlach het NEWS Cafe verlieten. Nee, geen adellijke dame, maar een futuristisch uitziend trio uit Wenen dat naar eigen zeggen technopunk maakt, maar de punk mag je ook weglaten: het was aanstekelijke, prima live gespeelde techno (beetje overstuurd, misschien). Drummer July Skone wist de nuances van een geprogrammeerde technobeat perfect te benaderen met zijn basic set-up met twee hihats.